Op dinsdag 27 september 2011 vond de rondetafelsessie Agile Contracting plaats. De sessie was zeer goed bezocht. Spreker Bernhard van Oranje vertelde dat 35% van de requirements opkomen tijdens projecten, dus na opdrachtverstrekking. Bij opdrachtgevers bestaat te weinig inzicht in de complexiteit van de IT. Triviale functionele eisen kunnen een project onnodig complex maken. Programmeurs en testers staan vaak te ver van de eindgebruiker, waardoor al snel een kloof kan ontstaan tussen klantbehoefte en product. Deze en andere eigenschappen van klassieke IT-projecten (ook wel waterfall projecten genoemd) zorgen voor een hoge kans op mislukking. In agile projecten wordt gewerkt in hechte teams van klant en opdrachtgever. Behoefte en product worden dagelijks tegen elkaar aan gehouden. Om de paar weken (in zogenaamde SCRUMs) wordt er een werkende softwaremodule opgeleverd, met onderliggende documentatie. De precieze requirements worden tot in de laatste week bepaald. De genoemde klassieke valkuilen worden hierdoor zoveel mogelijk vermeden. Dit vergt wel een andere juridische aanpak. De jurist focust van oudsher op het vooraf vastleggen van de requirements en de processen en risicoverdeling voor als iets fout is gelopen. Kort gezegd houdt de jurist zich bezig met de vraag wie een zak met geld moet inleveren als het product niet voldoet aan de vooraf afgesproken requirements. Agile projecten zijn teamwerk, gericht op een oplossing. Inzichten en requirements veranderen van dag tot dag. Een contract moet dan ook maximaal faciliteren dat de behoefte van de klant wordt bevredigd. De jurist moet zich bezig houden met de vraag hoe het agile proces optimaal kan lopen. Het gaat om functionaliteit, niet om vooraf bedachte en dus gebrekkige requirements en een zak met geld.
Polo van der Putt was een van de organisatoren van dit event in zijn rol van local representative van ITechLaw in Nederland. Vondst was een van de sponsors.